Decentralisatie in het sociale domein, dubbele opgave in 3D

driedecentralisaties

Gemeenten worden in 2014 en 2015 verantwoordelijk voor jeugdzorg, werk en inkomen en zorg voor langdurig zieken en ouderen (Jeugdwet, Participatiewet en WMO). Een deel van deze taken voeren ze nu al uit, een deel nemen ze over van de Rijksoverheid. Een decentralisatieslag op 3 sociale domeinen (die ook wel de 3 decentralisaties worden genoemd, ofwel de 3D’s). Een transitie en transformatie met, hoe logisch doordacht deze ook is, een enorme impact voor gemeenten. Je zal het maar voor je kiezen krijgen om deze nieuwe en belangrijke taken bovenop het bestaande werkpakket te organiseren. In (relatief) korte tijd en met minder geld dan hiervoor eigenlijk nodig is (ja, bezuinigingen…).

Decentralisatie past in het beleid van het huidige kabinet: minder overheid, meer burger. Decentralisatie betekent dat taken en bevoegdheden worden overgedragen aan lagere overheden en ze hierdoor meer ruimte en autonomie krijgen om binnen kaders de wet uit te voeren. Met als voordelen dat de beslissingsbevoegdheid dichter naar de plaats van impact gaat en er sneller gereageerd en ingespeeld kan worden op vragen en ontwikkelingen. Gemeenten kennen de situatie van hun burgers beter dan de centrale overheid, zo wordt geredeneerd.

Decentralisatie van taken en bevoegdheden in een decennialang centraal gestuurd en georganiseerd bureaucratiesysteem, doe je niet zo maar eventjes. Dat snapt iedereen. Een dergelijk kanteling vraagt leiderschap en vertrouwen, goede en realistische planvorming, kennis- en draagvlak-opbouw, tijd en geld, organisatievermogen, implementatiekracht en adequate communicatie. Hoewel de centrale overheid (losmaken en overdragen) en gemeenten (overnemen en inpassen) al  flinke tijd bezig zijn met het decentralisatieproces, groeien bij met name gemeenten de zorgen met het dichterbij komen van de invoeringsdata. Gaat het lukken?
Is de centrale overheid in staat het losmaakproces adequaat in te vullen? Is zij een betrouwbare loslaatpartner, ook in de eerste jaren na de formele overdracht van bevoegdheden? Of verandert zij vanaf de start van het nieuwe spel eerder afgesproken (financiële) regels? En zijn gemeentelijk organisaties in staat de kanteling tijdig en goed te organiseren, de (veronderstelde) ‘winst’ te pakken en de (veronderstelde) risico’s te minimaliseren en verantwoord op te vangen?

Wat in ieder geval nodig is: decentralisatie van de veranderstrategie. Ook hier ligt een flinke uitdaging. Want door centrale staven bedachte systeemgerichte ontwerpbenaderingen zijn als een tattoo op Haagse huid. Een handelsmerk, opgebouwd in jaren van bureaucratisch en voorschrijvend handelen. Decentralisatie is echter een transitie die ook een kanteling in (verander)denken en (verander)doen vraagt. Minder topdown, meer participatie. Minder project, meer programma. Meer interactie met en ruimte voor burgers en organisaties, minder focus op beheersing en regeldruk. Meer verantwoordelijkheid in gedrag, minder verschuilen achter procedures en regels. Minder voorschrijvende circulaires, meer ruimte voor eigen invulling en dialoog. Hoezo een flinke opgave?

Met de formele overdracht van ‘centraal’ naar ‘decentraal’ op de afgesproken data, is het kantelings- en transitieproces niet klaar. Begint het eigenlijk past echt. Beleid op papier moeten worden omgezet in slimme (digitale) werkprocessen, servicegericht gedrag, gerichtere en snellere dienstverlening en lagere kosten.
De adoptiesnelheid van de nieuwe taken en bevoegdheden door gemeenten neemt toe naarmate het proces als een programma wordt geregisseerd. Met heldere kantelstrategie en doelen, focus op de ontwikkeling en support van medewerkers. En niet te onderschatten, door consistentie van de leiders (en hun woordvoerders) in wat ze zeggen en doen. Dus niet op de manier zoals tijdens de herdenkingsceremonie van Nelson Mandela. Toen door leiders uitgesproken woorden een warrige en niet te volgen vertaling kregen door doventolk Thamsanqa Jantjie. Het leverde een historisch hilarisch moment op (zie twitter waar het trending topic was), maar snel daaraan kwam de ergernis. Wat een geklungel eerste klas, wat een farce en demasqué.

Voor alles moet voorkomen worden dat ambtenaren in zo’n type decentralisatieproces terecht komen. Burgers moeten de kanteling niet als hilarisch gaan ervaren. De 3D-transformatie waar de (lokale) overheid voor staat is veel te belangrijk om er een soap van te maken.

Over de schrijver
“Veranderen is morgen DOEN! Zonder DOEN komt er geen verandering! Wég met de ingesleten principes en planmatige methoden van verandermanagement. Die passen niet meer in deze snelle en complexe tijd! Ze blokkeren versnelling en boosten op de werkvloer."

Laat een reactie achter

*

captcha *